|
Dankbaarheid.
Met
dankbaarheid is iets raars aan de hand, We zijn het vergeten. In deze tijd
waarin we vinden dat we recht hebben op dingen, als geld, gezondheid en
vooral materiële dingen lijkt dankbaarheid ouderwets geworden. Vroeger
hoorde je wel eens ‘Tel je zegeningen'. In kerkelijke omgeving werd
je geacht dankbaar te zijn voor Gods genade. Wat dat dan ook maar was.
Langzamerhand is dankbaarheid naar de achtergrond geschoven. We zijn gaan
denken, in onze individualistische maatschappij, dat alles vanzelfsprekends
is. Ook ik. Natuurlijk ben ik blij met een cadeautje of wanneer iemand iets
voor me doet. Dat bedoel ik ook niet. Waar ik het over heb is dankbaarheid
als emotie. Een diep en intens gevoel van dankbaarheid voor ‘wat is
’. Dankbaarheid voor het leven in zijn geheel; de mooie en de
minder mooie kanten. In onze maatschappij is alles gericht op meer en
beter. En vooral vooruit; op naar het volgende. Er is geen tijd om eens om
te kijken naar alles wat je meesleept. In de haast tot het verwerven van
vaardigheden en het verzamelen van materiële zaken gaan we voorbij aan het
wezenlijke. De angst om kwijt te raken overheerst. De angst om te verliezen
is een basis in heet leven geworden. Ik heb dankbaarheid herontdekt.
Dankbaar zijn voor wat is, voor alles wat ik heb, voor de mensen om je
heen. Dankbaar voor de stoel waarop ik zit. Dankbaar voor de manier waarop
mijn leven zich ontvouwt. Ik voel me rijk als ik opsom waarvoor ik allemaal
dankbaar ben
Wat zie je er goed
uit!
Ik
heb een instinctieve twijfel bij deze opmerking. Net als wanneer mensen
zeggen. Je bent niks veranderd, terwijl je elkaar jaren niet gezien hebt.
Als je tegen me zegt dat ik er goed uitzie dan bekruipt me een onzeker
gevoel. Mijn hoofdhuid begint te kriebelen en mijn haar gaat rechtop te
staan. De vraag die onmiddellijk in me opkomt is “hoezo?” Ik
twijfel direct aan de goede bedoelingen van zo’n vaak op kirrende
toon geroepen mening. Weet je hoe dat komt? Omdat dit nooit gezegd wordt
als ik me weer suf gelijnd heb en er met veel moeite een paar kilo
afgekregen heb. Nee deze opmerking wordt geroepen op het moment dat ik mijn
gewicht weer eens niet in de hand heb. Juist op de dag dat ik me dik en
opgeblazen voel. Net op de dag dat ik ’s morgens op de weegschaal
stond, zonder bril want dan kan ik het getal niet precies zien, maar dat
dan wel overduidelijk weer een grens is overschreden. De dag dat ik gedachteloos
die mooie nieuwe broek aantrek, die tot mijn grote schrik niet meer dicht
kan. Ja juist op die dag wordt je dan begroet met die vreselijke opmerking
“Meid wat zie je er goed uit”. Met zo’n uithaal
omhoog aan het eind van de zin. De merkwaardige conclusie die ik daar dan
weer aan verbindt is mager is lelijk. Een idee wat me tijdens mijn dikkere
periode goed van pas komt. Vooral als ik dan weer eens iemand tegen het
lijf loop die kilo’s is afgevallen. Zo’n mager koppie met
zo’n gekreukeld 'schildpadnekkie'. De blubberende buik, de
overtollige huid en het rimpelige vel denk ik er vanzelf bij want die ken
ik uit eigen ervaring. Ook dat zet zich weer vast in mijn achterhoofd als
ik denk ‘wat kan mij het schelen ik neem nog een toostje Franse kaas.
Feit is dat het overtollige vet wel zorgt voor een strak velletje en een
blozend hoofd. Feit is ook dat dat extra vet me wel in de weg zit. Ik ben
er nog niet uit. Vet en strak of slank en gerimpeld.
De tante in Canada
De
zus van mijn vader woont in Canada op Vancouver Island. Ze woont er al heel
lang. Heeft als verpleegster gewerkt bij de Indianen en de Eskimo’s.
Eskimo is trouwens een scheldwoord het volk heet Inuit, maar dan weet bijna
niemand waar ik het over heb. Ze zat boven in de Hudson Bay in een zeer
afgelegen dorp. De verhalen die ze kan vertellen, geweldig. Ik hoop dat ze
ze op gaat schrijven, want het is een uniek stukje geschiedenis. Maar ze
moet wel opschieten want ze is al bijna 80. Maar ja ze is overal laat mee
in haar leven; trouwen toen ze 38 was en nog 2 kinderen gekregen na haar
40e dus wie weet nog schrijfster op haar 80e. Ik logeerde een weekje bij
haar. Ze denkt dat ze nog heel goed Nederlands spreekt, maar ze maakt de
grappigste fouten. Ze heeft het steeds over haar nieuwe car en de carren op
de weg. Ik heb steeds associatie met paard en wagen. Door het vertalen van
de engelse zinsbouw in het Nederlands krijg je hele grappige zinsbouw. Maar
ze gebruikt ook echt Oudnederlandse woorden. Opeens heeft ze het over
een comestibles winkel. Ik weet echt niet wat dat is alhoewel ik het
woord wel ken. Vast uit een of ander boek als Eline Vere of zo. Verder is
haar huis ‘modern’ ingericht. Ze heeft zelf haar huis op de
berg ontworpen. Erg leuk met een vide, grote ramen en een prachtig
uitzicht. Maar de ‘moderne’ Hollandse inrichting vind ik toch
wat minder. Haar 'modern' is anno 1950 blijven steken. Eettafel met een dik
tafelkleed en stijl 1950 teak. Ze schepte nogal op over de eettafel.
Prachtig huppeldepup hout vandaar dat kleed erover; anders raakt hij
beschadigd. Ik zeg onnozel maar je ziet die tafel nooit door dat kleed. Je
wordt 80… denk even na …hoelang moet die tafel nog beschermd en
wanneer denk je ervan te gaan genieten. Ze haalde het kleed eraf, maar na
een dag zei ze dat ze het toch wel erg kaal vond. Ik denk dat het kleed er
inmiddels allang weer op ligt. Ach ja waar bemoei ik me ook mee. Er ligt
een wereld tussen ons in. Een wereld waarin leeftijd en beleving een grote
rol spelen.
Overgangsgezeur
Er
wordt gezegd dat vrouwen in ontwikkelingslanden geen last hebben van
overgangsklachten. Ik weet niet hoe het met jullie is dames van 50 plus,
maar mijn haren gaan rechtop staan als ik zoiets hoor. Ik denk, hoe weten
ze dat? Hoe is dat gemeten? Wat hebben ze gemeten? En zijn dit serieuze onderzoeken?
Er
blijken inderdaad onderzoeksresultaten.. De conclusie van het onderzoek is
dat vrouwen in ontwikkelingslanden bezig zijn met overleven en daarom geen
last hebben van klachten. Als ze nog in leven zijn en de overgang meemaken
tenminste. Veel vrouwen halen deze leeftijd niet eens.
Ik
denk eerder dat het te maken heeft met cultuurverschillen. In andere
culturen heeft een vrouw op leeftijd een belangrijke status. Ze worden
gezien als wijze vrouwen. De familie of dorpelingen gaan naar hen toe met hun
problemen en levensvragen. De vrouwen hebben een belangrijke positie. Ze
hebben aanzien en worden door jongere vrouwen vaak op allerlei manieren
verzorgd en hun lichamelijke ongemakken worden zoveel mogelijk opgevangen.
Bovendien is in deze culturen het westerse beeld ‘alleen jong en
slank is mooi’ niet aan de orde. Vaak is volslank een teken van
welstand. Onze extra kilootjes, die boven de vijftig stug blijven hangen
zijn daar dus alleen een pre.
Wij
vrouwen in de westerse wereld zeuren dus over de overgang. De formulering
van het rapport is enigszins anders maar ik ben vijftig plus en ik voel me
persoonlijk aangesproken.
In
onze wereld worden we op allerlei manieren geïndoctrineerd. We moeten
vitaal zijn, slank en gezond. Liefst ook nog jeugdig en mooi blijven anders
tellen we niet meer mee. Maar voor elke vrouw komt onherroepelijk het
moment dat de aftakeling begint. Ik weet nog dat ik, begin dertig, blij was
met de eerste rimpeltjes in mijn gladde poppenkop. Ik realiseerde me nog
niet dat dit het begin van de ellende was!
Als
je ouder wordt sluipt de teloorgang van het uiterlijk achter je aan. Soms
haalt hij hetje in; dan word je op een onverwachte moment geconfronteerd
met ouder worden. Opeens zijn er vouwen in je hals. Slaapvouwen denk je
optimistisch, maar ze gaan niet meer weg. Je handen lijken opeens op die
van je moeder. Twee trappen op en je hijgt als een oud karrenpaard, terwijl
je toch echt gestopt bent met roken. Opeens valt die reclame met die
vrolijke, vlotte vrouwen met incontinentieproblemen op. Om nog maar niet te
spreken over al die foldertjes die in de bus vallen en je proberen te
overtuigen dat al je opvliegers, nachtelijk zweet, onrustige benen,
energieverlies en depressies worden opgelost door dure pillen.
Ook
de vrouwenbladen doen er driftig aan mee. Interviews met vrouwen die last
hebben van ‘het lege nest syndroom’ en depressies. De tendens
van deze verhalen is dat wij vrouwen van vijftig plus niet moeten zeuren.
Een leeg nest? Zoek een nieuwe levensinvulling; ga pottenbakken of
borduren. Een depressie? Dat komt gewoon door de schommeling in je
hormoonspiegel. Heel normaal in de overgang. Niet zeuren. Ga wat doen; als
je het druk hebt dan heb je geen tijd voor overgangsklachten. Neem een
voorbeeld aan vrouwen in andere ontwikkelingslanden; die hebben nergens
last van.
Nee
de vrouwen in onze cultuur mogen nergens last van hebben!
De
praktijk is dat vrouwen van vijftig plus met allerlei klachten, ondanks hun
drukke baan en hun drukke leven, gewoon doorbuffelen. Ondanks het slechte
slapen door de nachtelijke onrust en opvliegers. Ze laten niets merken van
het concentratieverlies dat ook bij de overgang hoort, want ze moeten mee
in de ‘ratrace’. Ze werken gewoon langer door om het
tijdverlies te compenseren. Of ze kiezen, ondanks de gevaren, voor
hormoonpreparaten. Sommigen vrouwen houden vol maar helaas velen knappen
ergens in deze periode af. We belanden in de ziektewet maar wijten dat niet
aan overgangs-klachten, want die hebben we immers niet. We geven er
allerlei namen aan zoals burnout, ME, overspannen en depressie.
Ik
denk dat we allemaal worstelen met onze hormonen vanaf het moment dat de
allereerste menstruatie eraan komt tot aan de allerlaatste hormoonbobbel.
Gewoon omdat we vrouwen zijn. Dat is in onze cultuur zo en dat is ook in
andere culturen zo.
Laten we onze overgangsperikelen erkennen. Pas als je voor jezelf volmondig
kunt zeggen: ‘Ik ben in de overgang’, dan pas kun je leren om
er samen om te lachen. We moeten er toch doorheen om aan de andere kant van
de overgang te komen. Een kalm leven met hormonaal evenwicht, zonder PMS en
menstruatiepijn. Vrouwen dat wordt genieten!
Laten
we ons niks aantrekken van die onderzoeken die door mannen worden gedaan.
Zij begrijpen er toch niks van. Maar frappant is dat veel westerse mannen
last hebben van een midlife crises. Mannen in andere culturen hebben daar
vast geen last van.
|